Innovatie nieuws

Jawel, helemaal gratis voor iedereen die het maar wil. Het Innovatieplatform heeft inmiddels 2...

 

 

Innovatieplatform grootste aandeelhouder in werk-gezocht.nl

Door een buy-out van het huidige management heeft het Innovatieplatform de vacaturesite www.werk-gezocht.nl overgenomen. De bedoeling is om van deze site een zeer functionele zoeksite te maken die alle vacatures in alle branches moet gaan tonen.

De website blijft gewoon online en zal dagelijks meer functionaliteit krijgen

Philips over het Innovatieplatform

(Bron: Philips)

Het Innovatieplatform begint vruchten af te werpen. Dankzij de aanbevelingen van het adviesorgaan van de overheid, waarin Philips een nadrukkelijke rol speelt, zijn al diverse projecten ontplooid die het innovatie- en kennisniveau in ons land moeten opkrikken. De belangrijkste winst tot nu toe: het onderwerp is gaan leven. Innovatie moet Nederland weer op de Europese kaart zetten. 

In het Innovatieplatform, dat in september 2003 werd opgericht, werken overheid, bedrijfsleven, universiteiten en wetenschappelijke instellingen samen om de ontwikkeling, uitwisseling en toepassing van kennis te bevorderen. Nederland moet, zo luidt de missie van het platform, weer een land worden waar volop ruimte is voor excellentie, ambitie en ondernemerschap van mensen en organisaties.

Gerard Kleisterlee is één van leden van het platform, dat vijf keer per jaar bijeenkomt en wordt voorgezeten door premier Balkenende. De dagelijkse ondersteuning wordt verricht door het Projectbureau. Philips is een belangrijke voortrekker van het Innovatieplatform, dat er voor gezorgd heeft dat innovatie hoog op de politieke agenda staat. En dat is ooit anders geweest, aldus Guy Kerpen, die de inbreng van Philips voor het Innovatieplatform coördineert en René Westbroek, die tot voor kort verantwoordelijk was voor de communicatie bij het Innovatieplatform. 

“Het Innovatieplatform is een uitvloeisel van een Europese topconferentie in 2000 in Lissabon”, aldus René Westbroek, nu hoofd Communicatie van Philips Electronics Nederland. ”Destijds werd afgesproken dat Europa in 2010 de meest concurrerende en dynamische kenniseconomie ter wereld zou moeten zijn. In navolging daarvan formuleerde de Nederlandse regering de doelstelling dat ons land binnen de Europese kenniseconomie tot de top zou moeten behoren.” Dat gezegd hebbende bleef het vervolgens stil. Te stil, vonden met name bedrijfsleven en onderwijs- en wetenschapsinstellingen. Onder meer op initiatief van Philips werd aangedrongen op concrete actie. De oprichting van het Innovatieplatform was het rechtstreekse gevolg. 

Guy Kerpen: “Philips ziet als mondiaal opererend bedrijf natuurlijk heel goed wat er in de wereld leeft. In Nederland was er relatief weinig belangstelling voor innovatie, technologie en industrie: we waren een land geworden van diensten en logistiek. Philips heeft er de afgelopen jaren op verschillende manieren op gehamerd dat, wil je onze economie nieuw leven inblazen, je sterk moet inzetten op innovatie en technologie. Daarom onderschreven we de Lissabon-doelstelling ook van harte. Heel concreet: voor Philips was het vestigingsklimaat in Nederland niet meer in orde. Dan moet je proberen dat zodanig te verbeteren dat je hier weer concurrerend kunt ondernemen.” 

Het Innovatieplatform werd bij de oprichting door Balkenende betiteld als een ‘ijsbreker’. Dat bleek wat al te voortvarend, omdat het platform geruime tijd nodig had om op stoom te komen. De werkwijze is om werkgroepen in het leven te roepen, waarin naast leden van het platform en het Projectbureau vooral mensen uit ‘de sector’ zitting hebben. De aandacht richt zich op vier sleutelgebieden, waaronder Hightech Systemen en Materialen – een gebied waarop Philips zich flink manifesteert. René Westbroek: “Een werkgroep inventariseert de situatie in een bepaald activiteitengebied, vergaart kennis en inzichten en komt tot voorstellen en adviezen aan de betrokken ministeries. Die moeten die adviezen vervolgens omzetten in concreet beleid.” Guy Kerpen: “Op dat punt is Philips van mening dat er wel wat voortvarender doorgepakt zou mogen worden. Het platform komt met goede adviezen en initiatieven, daar is iedereen het wel over eens. Maar daarna blijft het helaas vaak lang stil. De daadkracht in Den Haag mag best wat groter.” 

Inmiddels zijn verschillende projecten van de grond gekomen. Een aantal daarvan zijn van rechtstreeks belang voor Philips, zoals de Technologische Topinstituten waaronder het onlangs geopende Holst Centrum en – begin 2004 persoonlijk door Gerard Kleisterlee ingebracht – het Casimir-programma. Het subsidieprogramma Casimir (vernoemd naar voormalig directeur van het Nat.Lab Henrik Casimir)  moet de uitwisseling van onderzoekers tussen bedrijven en universiteiten stimuleren. Kleisterlee verklaarde bij de presentatie van zijn initiatief: ”Innovatie is mensenwerk. Juist door intensieve uitwisseling ontstaan netwerken van onderzoekers die noodzakelijk zijn om in Nederland de noodzakelijke koppeling te maken tussen de universiteiten, het bedrijfsleven en uiteindelijk de markt.” Inmiddels is Philips uitwisselingen gestart met verschillende universiteiten, waaronder Wageningen.

Het Innovatieplatform heeft na een moeizame aanloopfase zijn draai gevonden. En oogst alom waardering voor de bijdrage in de pogingen de innovatiekracht van Nederland te versterken. Innovatie is een speerpunt in het regeringsbeleid, er komt geld voor beschikbaar – en veel aandacht. ”Het onderwerp is gaan leven”, beamen Guy Kerpen en René Westbroek, ”Dat is misschien nog wel de grootste winst. Er is veel meer aandacht voor innovatie en het Innovatieplaform is daar zeker debet aan. Neem de discussie over de verdeling van de aardgasbaten: voorheen ging een grooem is daar zeker debet aan. Naareet voor gezorgd, maar die universiteiten, het bedrijfsleven en uiteindelijk de markt.t gedeelte naar de harde infrastructuur (autowegen) tegenwoordig wordt een substantieel deel gereserveerd voor innovatietechnologie. Het Platform heeft daar niet concreet voor gezorgd, maar die ‘drive’ zit er zeker wel achter. Innovatie is hot."
 
 

Interview met de (ex)Minister President J.P. Balkenende

(Bron: Kamerkrant)

Om het Nederlandse bedrijfsleven ertoe aan te zetten (veel) meer te innoveren dan de afgelopen decennia is gebeurd, is er aan het begin van de huidige kabinetsperiode een speciaal Innovatieplatform opgericht. De bedoeling is dat dit platform vier jaar lang als een ijsbreker door de polder gaat, daarbij ondernemers zo veel mogelijk faciliteiten biedend om hun vernieuwende ideeën te realiseren. De voorzitter van het platform is niet voor niets de Minister-president zelf; de inzet is namelijk hoog: "Als Nederland nú niet slagvaardig op innovatie stuurt, missen we de boot als de wereldeconomie straks weer aantrekt. En dan kunnen we de vergrijzing zéker niet betalen!"

Balkenende: "Innovatie moet komen vanuit de praktijk - laat ik daar helder over zijn. En juist het MKB bezit een enorme innovatieve slagkracht. MKB’ers zijn namelijk mensen die hun nek durven uitsteken, die gewend zijn in te spelen op economische ontwikkelingen, op de toename van concurrentie; de wereld is immers heel klein geworden. Toch heeft het Nederlandse MKB die slagkracht de afgelopen decennia onvoldoende aangewend. En daar wil dit kabinet verandering in brengen, want te weinig innovatie betekent een verdere terugval van de concurrentiepositie van ons land, die op dit moment toch al niet rooskleurig is: de economische groei in Nederland behoort tot de laagste van Europa."

"Dit kabinet heeft zich dus ten doel gesteld bedrijven te stimuleren meer aandacht te besteden aan innovatie. Zo is het bijvoorbeeld belangrijk dat het MKB meer gaat investeren in research & development, dat immers aan de basis ligt van veel innovaties. En dat júíst de kleine en middelgrote bedrijven gaan samenwerken, zowel met andere bedrijven als met universiteiten, hbo’s en andere kennisinstellingen."
"De overheid kan het financieel aantrekkelijker maken voor bedrijven om nieuwe producten of diensten te ontwikkelen; dat zullen we dan ook doen. En de overheid kan eventueel bestaande belemmeringen, zoals ingewikkelde subsidieaanvraagprocedures en de hoge administratieve lastendruk, verminderen."

Dat laatste is met name wat het Innovatieplatform doet - en snel. "Het Innovatieplatform signaleert knelpunten die innovatie in de weg staan, zet ze op de agenda en gaat er direct mee aan de slag", zo verklaart Balkenende de metafoor van de ijsbreker die hij regelmatig bezigt. "We kunnen het ons in deze razendsnelle wereldeconomie namelijk niet permitteren om maanden of soms jaren bezig te zijn met, bijvoorbeeld, een financieringsaanvraag voor revolutionair onderzoek, of met de hervorming van regelgeving. Het moet nu snel, het moet slagvaardig. Over drie jaar moeten we een betere concurrentiepositie op de wereldmarkt bekleden dan de twaalfde plaats die we nu innemen."

Het Innovatieplatform heeft dan ook, naast projecten die de hele kabinetsperiode zullen beslaan, een aantal speerpunten geformuleerd die moeten leiden tot succes op de korte termijn. Zo wil de premier dat nog dit jaar kenniswerkers uit het buitenland via een snelle, betaalbare één-loket-procedure toegelaten kunnen worden tot ons land: de huidige ingewikkelde visumaanvraagtrajecten, ook nog eens factoren duurder dan in andere Europese landen, worden zo snel mogelijk gebundeld en gestroomlijnd.
Technostarters, ondernemers waarbij de kenniseconomie zeer gebaat is, worden met ingang van nu op alle fronten gestimuleerd de kennis die in Nederland ontwikkeld is op dat vlak, te commercialiseren. Met dit doel is een speciaal programma opgezet: Technopartner.
En het hele bedrijfsleven kan erop rekenen dat per direct alle middelen worden ingezet om de beschikbaarheid van voldoende, goed gekwalificeerd personeel zeker te stellen. Alles wordt namelijk op alles gezet om het beroepsonderwijs te versterken: de uitval moet omlaag, de doorstroming en het niveau moeten omhoog. "Nog binnen deze kabinetsperiode wordt driekwart van de vacatures in het onderwijs vervuld", zo belooft de premier. Bovendien wordt de financiering van de universiteiten tegen het licht gehouden, waarbij de toepassing van de kennis die hier ontwikkeld wordt, en dan met name de overdracht hiervan aan het bedrijfsleven, als criterium wordt meegewogen.

Balkenende: "Een belangrijk middel om innovatie in het bedrijfsleven te stimuleren, is kennisoverdracht van universiteiten en hogescholen naar bedrijven. Met name het MKB kan hier zijn voordeel mee doen: zelf beschikken immers lang niet alle bedrijven over eigen research & development-afdelingen, en als die er wel zijn, is hun aanpak vaak toch anders dan die van de kennisinstellingen. Tot nu toe maakten bedrijven echter relatief weinig gebruik van deze mogelijkheid, wellicht uit onwetendheid. Maar zeker als je je realiseert dat onze universiteiten internationaal gezien een toppositie bekleden, ligt de veronderstelling erg voor de hand dat het bedrijfsleven hier een enorme bron van innovatief potentieel kan aanboren."

Daarnaast wil het Innovatieplatform een rol spelen bij de realisatie van een aantal kabinetsdoelstellingen waarvoor de volle kabinetsperiode is uitgetrokken, zoals vermindering van de administratieve lastendruk. "Niet alleen moet het aantal wetten en regels in 2007 met ten minste een kwart zijn teruggebracht, ook moeten dan alle tegenstrijdigheden er definitief uit zijn gehaald", aldus de Minister-president. Ondernemers willen ondernemen, en daar willen wij hun weer alle kans voor geven."
Het huidige woud van regels is volgens Balkenende ontstaan doordat vorige kabinetten niet voldoende redeneerden vanuit de ondernemers. "Er werd een maatschappelijk probleem centraal gesteld, dat de politiek vervolgens probeerde ‘op te lossen’ door telkens nieuwe bepalingen toe te voegen aan al bestaande de wet- en regelgeving. Daar moet nu dus de bezem drastisch doorheen worden gehaald. De vraag die wij daarbij als uitgangspunt hanteren is: wat is goed voor de ondernemers? Wat willen zij, wat hebben ze nodig? En dat zou nog wel eens tot verrassende resultaten kunnen leiden!"

Ook de ‘kluwen’ instanties die momenteel een rol spelen in innovatieland (zie hiernaast), wordt ontward, zo belooft Balkenende. Het aantal loketten moet bijvoorbeeld worden beperkt, opdat het voor ondernemers beter inzichtelijk wordt waar ze precies terechtkunnen als ze plannen hebben om te innoveren.
In de huidige constellatie raadt de premier overigens alle MKB’ers aan eens bij Syntens langs te gaan, om te bespreken welk potentieel op het gebied van innovatie en kennisuitwisseling binnen hun bedrijf wellicht nog onbenut is gebleven en wat de mogelijkheden zijn hier verandering in te brengen. Ook Senter ligt de Minister-president voor op de tong: wie in aanmerking wil komen voor subsidiëring van een innovatief product of een innovatieve dienst, kan het beste daar terecht. "Nu zijn de aanvraagprocedures nogal eens behoorlijk ingewikkeld", geeft de premier toe, "maar nog vóór 2007 kan elke MKB’er ook zijn weg vinden zonder inschakeling van een subsidioloog."

Meer slagkracht en meer ondernemers

(Bron: De Pers)

Een eventuele opvolger van het huidige Innovatieplatform, dat vanwege de val van het kabinet formeel ophoudt te bestaan, moet meer besluitvormingskracht krijgen. Daarvoor pleitte Feike Sijbesma, topman van chemieconcern DSM en lid van het platform, zondag in televisieprogramma Buitenhof.

Het Innovatieplatform streefde ernaar dat Nederland tot de internationale top vijf gaat behoren op het gebied van hoger onderwijs, onderzoek en innovatie. ,,Maar we hebben moeite om in de top tien te blijven'', zei Sijbesma. Volgens hem heeft het platform zijn best gedaan, maar was de invloed beperkt. ,,Een opvolger moet bij een volgend kabinet dichter tegen de budgetten aan zitten. Het huidige Innovatieplatform kan alleen advies geven.'' Sijbesma vindt dat een opvolger geen `platform' moet heten. ,,Kennis- en investeringsraad zou een geschikte naam kunnen zijn.''

Voralsnog blijft het Innovatieplatform gewoon Innovatieplatform heten en heeft het als opdracht om zoveel mogelijk mensen de weg te wijzen naar het zelstandig ondernemerschap.

Volgens Sijbesma zouden kabinetsleden geen lid moeten zijn van zo'n raad. ,,Het is voor bewindslieden lastig om je te commiteren, als je er vervolgens besluiten over moet nemen.''

Het Innovatieplatform, opgericht in 2003, is een denktank onder aanvoering van premier Jan Peter Balkenende.

De huidige taken van het Innovatieplatform zijn:

  • Het vereenvoudigen van het ''ondernemer worden''
  • Startende ondernemers op weg helpen
  • Het zorgen voor voldoende kapitaal om de markt gestroomlijnd te laten werken
  • Het wegnemen van hindernissen zodat starters makkelijker hun weg vinden
  • Het samenbrengen van knowhow en technologie

VVD kiest mede Voor Veel Daadkracht

(Bron: VVD)

De VVD wil dat innovatie gestimuleerd wordt aan de bron. Aan universiteiten moet 100 miljoen ter beschikking gesteld worden voor het praktisch toepasbaar maken van kennis aan de maatschappij en aan het bedrijfsleven in het bijzonder. Universiteiten worden op deze manier financieel gestimuleerd om innovatie van de universiteiten naar de markt te brengen.

Omdat dit niet ten koste mag gaan van middelen voor onderwijs en fundamenteel onderzoek dient de minister van OCW hiervoor extra middelen ter beschikking te stellen. De VVD trekt daarom 100 miljoen euro uit om de eerste geldstroom van universiteiten te verhogen en beschikbaar te stellen voor zogenaamde valorisatieactiviteiten.

Voor de VVD is innovatie de sleutel voor de toekomst. Innovatie is wat ons land in het verleden groot heeft gemaakt, en dit is wat we nodig hebben om weer voorop te gaan lopen in de toekomst. Alle grote vraagstukken waar ons land de komende jaren voor staat, zoals bijvoorbeeld het opraken van de fossiele brandstoffen, komen neer op innovatie.

Eerder vandaag maakte Mark Rutte op de door de VVD georganiseerde dag van de moderne economie op de TU in Delft bekend dat hij wil dat er een regelvrije zone komt waar innovatie maximaal de ruimte krijgt. Deze zone moet een proeftuin worden waar ondernemers onbelemmerd en goedkoop kunnen innoveren zonder dat ze dwarsgezeten worden door de overheid.

Noot redactie:

De VVD is als geen andere partij voorstander van het proces om het startende ondernemers makkelijker te maken en alle mogelijke hindernissen uit de weg te ruimen.

Door echter het zwaartepunt bij de elitaire universiteiten te leggen wordt echter een kans voor open doel gemist. Juist de ondernemers in het MKB hebben weinig met universiteiten en zullen daar niet snel aankloppen voor hulp.

Echter zal het Innovatieplatform wel degelijk de vorderingen bij de verschillende universiteiten monitoren en waar dat mogelijkis het ''voordeel'' adopteren om ondernemers te helpen.

Waar de VVD eerst nog het Innovatieplatform wilde hervormen (en zelfs afschaffen) bestaat er inmiddels een brede steun aan de vernieuwde initiatieven die het platform voorstaat.

Nederland terug in de Top-5

(Bron: Eindhovens Dagblad  Auteur: Kees Tetteroo)

Het Eindhovens Dagblad besteed in zijn commentaar van 21 april aandacht aan het rapport 'Nederland 2020: terug in de top 5' van het Innovatieplatform.

Dat is terecht. Dit rapport is overal in het land en ook in de pers zeer goed ontvangen. Zowel werkgevers (VNO-NCW en MKB-NL) en werknemers (FNV en CNV) omarmen het geboden perspectief en kunnen zich op hoofdlijnen in het rapport vinden. Het geeft namelijk een samenhangende toekomstvisie voor Nederland richting 2020, en het bevat een economische agenda voor het vergroten van het verdienvermogen van ons land, in plaats van louter te kijken naar bezuinigingen.

Iets wat politieke partijen in hun verkiezingsprogramma's na laten te doen. Deze agenda geeft concrete aanbevelingen voor het volgende kabinet om sluipende knelpunten aan te pakken, zoals extra investeringen in onderwijs en verbeteren van het (V)MBO tot aan modernisering van de arbeidsmarkt, onderwerpen waar tijdens de komende formatie knopen op doorgehakt moeten worden. Het rapport geeft ook nieuwe accenten voor het innovatiebeleid, zoals meer aandacht voor diensteninnovatie en het versterken van vijf à zes innovatiecampussen. Uitvoering van deze maatregelen leidt tot een extra groei van het bruto binnenlands product van 0,5 tot 1 procent per jaar, wat neerkomt op een extra groei van tussen de 35 en 70 miljard euro in 2020.

De commentator van het ED heeft kennelijk over deze argumenten heen gelezen en vat de argumentatie van het Innovatieplatform kort en bondig samen: 'blabla'! Is dat niet te kort door de bocht?

Het op een systematische wijze analyseren van de positie van Nederland in de wereldeconomie en het formuleren van een samenhangend pakket aan elkaar versterkende maatregelen wordt kennelijk gelezen als een 'bekend riedeltje'. Zeker, tal van afzonderlijke thema's zijn de laatste tijd door anderen ook aan de orde gesteld. Dat is in het rapport van het Innovatieplatform ook niet het nieuws. Nieuw is de zeggingskracht van de analyse: Nederland raakt steeds verder achterop! Nieuw is ook de samenhang in de voorgestelde maatregelen: het kan dus echt beter. Niet blind bezuinigen, maar inventief en selectief investeren!

Ik heb géén argumenten in het commentaar gelezen die deze centrale boodschap ontkrachten. Sterker nog, onze regio maakt zich op voor een nieuwe agenda voor de toekomst: Brainport 2020. Zowel de recent uitgebrachte derde evaluatie van de Kennisinvesteringsagenda (KIA) als deze Concurrentiekrachtagenda van het Innovatieplatform zijn prima uitgangspunten in de voorbereidingen van het bedrijfsleven, de kennisinstellingen en de overheden voor deze toekomstagenda van Zuidoost- Brabant. Daarin staat maar één vraag centraal: hoe verdienen we straks de kost en wat moeten we daar nú voor doen?

Het zou toch interessant zijn om de nieuwe collegeprogramma's van de eenentwintig gemeenten in de regio langs deze lijn te analyseren. Een gezamenlijk krachtig en doeltreffend sociaal en economisch lokaal èn regionaal beleid

is toch een eerste voorwaarde voor toekomstige successen in Brainport? En ASML? Dat is en blijft een prachtige parel in de technologische en economische kroon van Brainport!

Topmannen willen 300.000 nieuwe banen

(Bron: Financiele Telegraaf)

AMSTERDAM -  Een groep van veertig kopstukken uit het bedrijfsleven, de wetenschap en de vakbeweging komt vandaag met plannen om de komende tien jaar ruim 300.000 hoogwaardige banen in Nederland te creëren. De topmannen, onder wie Marc van Gelder (Mediq), Rob Westerhof (ex-Philips) en Gerard van Oosten (ZLTO), vinden dat zulke plannen nodig zijn om het verdwijnen van hoogwaardig werk bij bijvoorbeeld farmacieproducent Organon op te vangen.

De bezorgde deskundigen pleiten onder meer voor het versneld aanleggen van glasvezelverbindingen, het oprichten van een economisch ontwikkelingsbureau, het drastisch terugdringen van uitvallers in het onderwijs en het opzetten van een agentschap dat barrières tegen de introductie van nieuwe energievormen gaat slechten. Ook willen ze ons land wereldwijd beter op de kaart zetten op het gebied van belastingen, ict, landbouw, transport en medische diensten.

Volgens Westerhof is voor de plannen een investering van €1 miljard nodig. „Dat lijkt veel, maar wij schatten in dat de 300.000 nieuwe banen een extra impuls van 30 miljard euro aan de economie kunnen geven”, zegt de ex-topman van Philips China en Noord-Amerika.

De plannenmakers hopen dat de mouwen nu eindelijk worden opgestroopt nadat er de afgelopen jaren in het Innovatieplatform voornamelijk eindeloos werd gepraat over de kenniseconomie. Zij gaan daarom hun in samenwerking met de Rotterdamse Erasmus Universiteit opgestelde rapport bespreken met het kabinet-Rutte.

Volgens Westerhof opereert de groep onder de leus ’geen woorden, maar banen’. „Het was eerst de Feyenoord-kreet ’geen woorden, maar daden’. Maar als oud-voorzitter van PSV heb ik dat op de valreep nog kunnen veranderen”, lacht Westerhof.

SP steunt Innovatieplatform

01-10-2003 • “De SP is erg enthousiast over het innovatieplatform dat premier Balkenende onlangs in het leven riep,” verklaarde Harry van Bommel vandaag tijdens de begrotingsbehandeling Algemene zaken. “Maar het zou een gemiste kans zijn als het beroepsonderwijs hierin geen plaats zou krijgen, dus dat moeten we als Kamer nog even rechtzetten.” Van Bommel diende hiertoe een motie in waarover volgende week gestemd zal worden.

De SP hamert er al een tijd op dat de Nederlandse economie een structurele achterstand oploopt als er niet snel meer aandacht wordt besteed aan innovatie. De verwaarlozing van dit aspect door de overheid, maar ook door het bedrijfsleven, heeft ervoor gezorgd dat Nederland flink is gezakt op de internationale ranglijsten. Harry van Bommel is blij dat er een impuls wordt gegeven aan innovatie als motor van de productiviteitsgroei en economische ontwikkeling, maar doet nog wel een suggestie voor de samenstelling van het platform: ook het beroepsonderwijs moet betrokken worden.

In het platform nemen gezaghebbende personen plaats uit het bedrijfsleven en uit de ‘kennisinfrastructuur’. Ook de premier zelf en de ministers van Economische Zaken en Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen maken deel uit van het platform. Van Bommel, zelf afkomstig uit het beroepsonderwijs: “Wij juichen het van harte toe dat deze zwaargewichten zich er tegenaan bemoeien. Maar Kamer en kabinet benadrukken altijd in koor het belang van het beroepsonderwijs, waar 60% van de leerlingen onderwijs volgt. Ik heb dan ook een motie ingediend om alsnog voor elkaar te krijgen dat ook het beroepsonderwijs een plaats in het platform krijgt. De Kamer kan dit volgende week alsnog rechtzetten.”

Naar boven